titels films

The King's Speech

Verdrinken in een strottenhoofd

Een tour de force. Daar houdt de Academy van. Ze slijt de Oscar het liefst aan sterren die een performance geven waarbij de emoties en expertise van het doek druipen. De huilbuien van Meryl Streep, de staar van Anthony Hopkins, de metamorfie van Philip Seymour Hoffman. Hoe indrukwekkend die prestaties ook, ze hebben de neiging het verhaal te 'stelen', zoals ook literaire dialogen, grotesk camerawerk of een hartverscheurende soundtrack dat kunnen doen. Het levert fragmenten op waar je eindeloos van kunt genieten, maar het bemoeilijkt escapisme - niemand verliest zich in een portie geniale method acting.

Daarbij is het jammer dat de minder adrenalitische acteurs zo in de schaduw blijven. Zo had de Brit Colin Firth de pech om de hoofdrol te spelen in Valmont, vlak nadat Yank John Malkovich een wel erg smakelijke vertolking van die rol in Dangerous Liaisons had gegeven. Maar terwijl Malkovich die intensiteit nooit meer heeft kunnen benaderen, is de kwaliteit van Firth's acteerwerk opvallend stabiel gebleven. Variërend van romcom (Bridget Jones's Diary) tot drama op de vierkante nanometer (Genova), tot hallucinatoire filmkunst (A Single Man), Firth is immer overtuigend - zonder te domineren. Voor zijn laatste rol in The King's Speech van regisseur Tom Hooper was echter een tour de force noodzakelijk. Oscar?

Die king is nog geen king. Godzijdank, want Bertie stottert. En niet een beetje, hij klapt volledig dicht zodra hij onder druk komt te staan. Een handicap dat op een drama aanstuurt gezien het belang van dat nieuwe medium, de radio, en de concurrentie van rethoricus Hitler aan de vooravond van WOII. Dus als zijn oudere broer de kroon afstaat om voor een verboden liefde te kiezen, moet King George VI het monster in de ogen zien. Zijn begripvolle vrouw (Helena Bonham Carter) chartert een logopedist (Geoffrey Rush). Een vreemde snoeshaan. Zonder certificaat. Maar met reputatie. Met zijn onconventionele methoden, waarbij gezongen en gevloekt en geschreeuwd wordt, wist hij talloze WOI-soldaten van de shell shock te genezen. Bertie moet aanvankelijk niets hebben van deze burger die het lef heeft om hem te tutoyeren. En hem zelfs Bertie noemt! Tot er heel langzaam iets heel moois groeit. Vertrouwen.

De prutser die de trailer van The King's Speech heeft gemonteerd moet verbannen worden naar een onbewoond eiland vol Nederlandse films. In de teaser wordt de film namelijk gepresenteerd als een luchthartige komedie, als een olijke knipoog naar de o zo stiffe upperlip. Onvergeeflijk, want juist de humor in deze film is geraffineerd gedoseerd, met een balans tussen zelfspot, sarcasme en understatement - de revival van de British humour die het koninkrijk ooit haar allesrelativerende aura heeft bezorgd.

Die humor werkt zo goed omdat de vriendschap niet zonder slag of stoot beklonken wordt. De onzekere koning raakt voortdurend geïrriteerd door de directe benadering van de logopedist, en ze kibbelen wat af voordat Bertie zich geeft en de therapie vruchten afwerpt. Deze verbale worstelpartij in combinatie met de chemie tussen Firth en Rush levert een buddy movie op van het hoogste niveau.

Maar The King's Speech is ook een horrorfilm in de meeste abstracte zin. Zelden is de angst voor vernedering filmisch zo tastbaar gemaakt als in de eerste scène, waarin Bertie een toespraak moet houden voor honderden hotemetoten. Hij blokkeert, kokhalst, stoot wat dierlijke geluiden uit en hakkelt dan wat frasen, terwijl het doodstille publiek zichtbaar zijn geduld verliest en zelfs een paard begint te hinniken. Nachtmerrie pur sang.

En ja, Firth's spraakgebrek is volkomen overtuigend. Een ongekende prestatie, niet in de laatste plaats omdat er geen literatuur bestaat over het áánleren van zo'n gebrek. Firth heeft daarom urenlang footage van de koning bestudeerd. "The feeling of drowning" was uiteindelijk zijn sleutel tot de vertolking. Dit verdrinken was overigens niet zonder risico; de acteur moest lang afkicken nadat hij zich de handicap eigen had gemaakt.

Heel knap allemaal dus. Maar wat veel knapper is, is dat Firth's tour de force, notabene benadrukt met groothoek-close ups van zijn panische gezicht, geen moment afleidt van dit waargebeurde verhaal over wanhoop, vriendschap en lef, dat in alle opzichten een Oscarregen verdient.

The King's Speech
Koninklijke doodsangst