titels films

The Last Supper

Moraalridders en arsenicum

Vijf vrienden wonen in een huis buiten de stad. Elke zondag hebben ze een discussiediner met een gast, waarbij ze elkaar in politieke correctheid naar de kroon steken. Hun zelfgenoegzaamheid wordt verstoord als een van hun gasten een agressieve psychopaat blijkt te zijn, die een mes op de keel van een gastheer zet. Er volgt een korte vechtpartij en de psychopaat zakt dodelijk gewond op de grond. Eerst paniek onder het vijftal, maar al gauw krijgen ze een opgeruimd-staatnetjes-gevoel.

Ze begraven de man in de tuin en maken plannen om de wereld van meer immorele figuren te verlossen. Ze vragen een homo’s hatende dominee te gast, een male chauvinist pig, een milieuhater, enzovoorts. Die krijgen allemaal wijn met arsenicum en verdwijnen onder de groene zoden. Een politievrouw komt hen op het spoor, maar een waardig tegenstander vinden ze pas in hun laatste gast, een Republikeins politicus.

Gastrolletjes van topacteurs kunnen een kleine film met weinig budget glans geven. Dat moet regisseuse Stacy Title gedacht hebben bij de casting van 'The Last Supper'. Haar budget was beperkt tot een miljoen dollar, wat naar Amerikaanse begrippen low budget is. Voor de hoofdrollen dus geen sterren (als je topmodel Cameron Diaz geen ster kunt noemen), maar de cameo's worden verzorgd door een ware optocht aan topacteurs.

Zo herkennen we in hun eerste slachtoffer Bill Paxton ('Apollo 13'), in de homohatende dominee oudgediende Charles Durning (zo'n beetje alle politiefilms), in de milieuhater Jason Alexander (George in 'Seinfeld'). Smullen dus voor filmfans, al heeft hun verschijning wel het effect van: "Hé, dat is toch...!" Bovendien verdoezelt hun aanwezigheid dat de film, hoe leuk ook van opzet, onevenwichtig is qua stijl.

Als het vijftal na een eerste schrik gelijk moordlustige plannen begint uit te broeden is duidelijk dat we met een zwarte komedie te maken hebben - en we de personages dus niet al te serieus moeten nemen. Maar als Cameron Diaz wroeging krijgt en in huilbuien uitbarst, en als een van de huisgenoten doordraait als moreel 'opperrechter', lijkt 'The Last Supper' opeens echt drama. Dat voelt als een stijlbreuk.

Ook storend is een dialoog met een schoolmeisje, dat ze te gast hebben gevraagd omdat ze op school campagne voert tegen condoomautomaten en seksuele voorlichting. Een van de huisgenoten kijkt haar hard aan en zegt: "Weet je wat jij nodig hebt? Een dikke harde pik in je mond!" Onnodig grof en belangrijker: niet leuk.

Natuurlijk gebruikt Title deze ontsporingen om aan te tonen dat de moraal van het politiek correcte vijftal net zo hard stinkt als die van hun reactionaire gasten, maar de film wil toch liever een zwarte komedie zijn dan een moraalschets. Gelukkig eindigt de 'The Last Supper' zo wrang dat je met een passend moordlustig gevoel de bios verlaat.