titels films

The Lawnmower Man

Nintendo als vierde dimensie

Het is nog niet zeker wanneer hij uitkomt, maar bij gebrek aan andere interessante film-premières toch even aandacht voor 'The Lawnmower Man'. 'The Lawnmower Man' is een science fictionfilm gebaseerd op een kort verhaal van Stephen King, en draait om de toepassingsmogelijkheden van virtual reality voor kunstmatige intelligentievergroting.

Virtual reality is een techniek, waarbij men zich met behulp van een afgesloten monitor-bril, een speciaal pak en een simulatiemachine (vergelijkbaar met die van een piloottraining) in een door een computer opgeroepen, elektronische wereld lijkt te bevinden. De virtual techniek staat nog in de kinderschoenen maar zal zo omstreeks de millennium-wisseling volwassen zijn. De consequenties ziin niet te overzien. Men spreekt zelfs van een nieuwe, elektronische dimensie...

Hoofdpersonage in 'The Lawnmower Man' is dokter Lawrence Angelo (Pierce Brosnan), expert op het gebied van deze VR-techniek. Hij probeert VR aan te wenden om intelligentie bij chimpansees te stimuleren. Nadat deze apen tijdens een ontsnappingspoging gedood worden, valt zijn oog op Jobe (Jeff Fahey), een volwassen tuinman met de ontwikkeling van een zesjarige. De resultaten zijn overdonderend. Jobe transformeert in een hyperintelligent wezen, maar krijgt tevens last van moorddadige, megalomane trekjes. Een confrontatie met Angelo in VR kan niet uitblijven.

Fenomenen als superintelligentie en VR zijn vanzelfsprekend smakelijke onderwerpen voor science-fiction. Maar er is veel fantasie en intelligentie voor nodig om ze aannemelijk te maken. En daar schort het regisseur/scenarioschrijver Brett Leonard een beetje aan. Hij trakteert ons op een staaltje overdonderende computer-animatie, maar inhoudelijk blijft de film op bellettrie-niveau hangen.

Zo weet Leonard niet goed hoe hij de superintelligentie moet verbeelden, en behelpt hij zich met metafysische kunstgrepen: Jobe's superintelligentie moet blijken uit de ontwikkeling van 'verborgen' paranormale zintuigen, zoals telekinese en telepathie, waar hij misbruik van maakt als hij zijn dag des oordeels ten uitvoer wil brengen.

Verder trekt regisseur Leonard rare parallelen tussen superintelligentie en ontvankelijkheid voor het christelijk geloof: Jobe wordt tijdens een van de sessies zó begaafd dat hij de Schepper kan zien, en dokter Angelo verandert tijdens een gevecht in VR zelfs in een gekruisigde Christus.

Leonard maakt niet duidelijk wat religie met intelligentie te maken heeft, en waarom hij zich in dit opzicht beperkt tot het christelijk geloof. Van Spielberg zijn dergelijke platitudes acceptabel, bij een prestigieus project als 'The Lawnmower Man' zijn ze een enorm zwaktebod. En wat die virtual reality betreft, die heeft meer weg van een uit de klauwen gelopen Nintendo spelletje dan van een vierde dimensie.

Al met al is de 'The Lawnmower Man' een gemiste kans. Er is te veel geld gestopt in oogverblindende computeranimaties, en te weinig vernuft in het script. Maar 'The Lawnmower Man' bevat genoeg thrillerspanning en visueel entertainment om tot cultfilm te kunnen worden verheven. Al zullen, tegen de tijd dat VR realiteit is, de speciale effecten wat oubollig overkomen. Tijd is immers de grootste vijand van science-fiction.